Niet alles moet scherp zijn

Niet alles moet scherp zijn
Tijdens onze laatste clubvergadering, ik ben namelijk lid van de Fotofilmclub Edegem, liet één van onze leden een volgens mij zeer interessant foto zien.
Een straatfoto, genomen in een metrostation, met een lage sluitertijd, waarin heel veel beweging, met hier en daar, op strategisch juiste plaatsen, een tikkeltje scherpte.
Voor mij was dit de foto van de avond... Apropos, waarvoor proficiat Christel...
Bij straatfotografie probeer je meestal beweging juist te bevriezen. Een voldoende snelle sluitertijd, scherpstellen op het juiste moment en hopen dat alles goed zit.
Maar het kan ook anders.
En toevallig zag ik twee dagen later een video van fotograaf Frederik Trovatten waarin hij op straat bewust met een trage sluitertijd fotografeert. Meestal rond 1/10 seconde. In plaats van de camera stil te houden, volgt hij de persoon tijdens het maken van de foto.
Het resultaat is niet perfect scherp. En precies dat maakt het interessant.
De persoon blijft meestal nog herkenbaar, maar de achtergrond wordt uitgesmeerd. Lijnen, kleuren en licht beginnen door elkaar te lopen. De foto gaat daardoor minder over hoe de straat er letterlijk uitzag en meer over beweging en sfeer.
Dat spreekt mij wel aan.
Een beetje controle, veel toeval
De techniek op zich is eenvoudig.
Ik zou beginnen ergens rond 1/10 of 1/15 seconde. Tijdens het afdrukken beweeg je de camera mee met de persoon die voorbijloopt. Eigenlijk hetzelfde principe als panning.
Alleen lukt het lang niet altijd.
Soms beweeg je te snel. Soms te traag. Soms is alles onscherp en soms juist te scherp. Daarom is continu-opname of burst handig. Van een korte reeks zit er misschien één beeld tussen dat werkt.
En vreemd genoeg zijn het vaak niet de technisch meest perfecte foto's die ik het interessantst vind.
Een gezicht dat nog net herkenbaar is. Een jas die scherp genoeg blijft terwijl de achtergrond wegveegt. Een paar benen die bijna oplossen in beweging.
Dat soort foto's.
Overdag wordt het iets moeilijker
Met een sluitertijd van 1/10 seconde krijg je overdag snel te veel licht binnen.
Je kunt natuurlijk de ISO zo laag mogelijk zetten en het diafragma sluiten, maar bij fel licht is dat soms nog niet voldoende. Dan kan een ND-filter handig zijn. Eigenlijk gewoon een zonnebril voor de lens: minder licht binnenlaten zonder dat je een snellere sluitertijd moet gebruiken.
Voor dit soort fotografie hoeft zo'n filter voor mij trouwens geen ingewikkeld technisch hulpmiddel te worden. Het is gewoon een manier om ook overdag met tragere sluitertijden te kunnen werken.
Niet proberen alles scherp te krijgen
Wat ik vooral interessant vind aan deze manier van fotograferen is dat je een deel van de controle opgeeft.
Normaal kijk ik op straat vrij sterk naar compositie, licht, mensen, reflecties en wat er in de achtergrond gebeurt. Met een trage sluitertijd komt daar iets bij dat je niet helemaal kunt voorspellen.
Beweging.
Een voorbijganger kan plots bijna een vlek worden. Een auto trekt een lijn door het beeld. Achtergrondlichten worden strepen. Een persoon kan scherp genoeg zijn terwijl alles eromheen beweegt.
Het beeld wordt daardoor iets minder letterlijk.
En dat vind ik misschien wel het interessantste eraan.
Ook interessant in Antwerpen
Ik denk dat deze techniek vooral goed kan werken op plaatsen waar veel beweging is.
Een druk kruispunt. Mensen die uit een tram stappen. Fietsers. De Meir op een zaterdag. Centraal Station. Of bijvoorbeeld de Vrijdagmarkt, wanneer mensen door het beeld lopen terwijl de gebouwen grotendeels hetzelfde blijven.
Ook regen zou interessant kunnen zijn. Natte straten, reflecties in ramen en auto's, een trage sluitertijd… dan kom je al snel dichter bij het soort beelden dat ik zelf graag maak.
Niet noodzakelijk perfect scherp.
Wel een beeld waarin je iets voelt van de beweging van de stad.
Gewoon eens proberen
Het is eigenlijk een heel eenvoudige oefening.
Zet de camera op ongeveer 1/10 seconde, zoek iemand die zijdelings door het beeld loopt en probeer die persoon met de camera te volgen tijdens het afdrukken.
En vooral: niet na drie mislukte foto's stoppen.
Waarschijnlijk zullen er veel beelden tussen zitten die gewoon niet werken. Maar dat hoort hier volgens mij bij.
Het gaat niet om twintig technisch perfecte foto's.
Eén foto waarin beweging, kleur, licht en toeval toevallig goed samenkomen, kan al voldoende zijn.
Misschien is dat ook waarom deze techniek mij aanspreekt.
Op straat heb je sowieso al weinig controle. Met een trage sluitertijd geef je er nog wat meer van af.
En soms wordt een foto daar juist interessanter van.
Opmerkingen